Het authentieke Myanmar

15 maart 2018 - Hsipaw, Myanmar

Inmiddels hebben we de stranden van Thailand ingeruild voor de prachtige natuur in Myanmar. In plaats van de goed onderhouden wegen hebben we nu onverharde zandwegen met vele hobbels. In plaats van het basis Engels hebben we nu een aanwijswoordenboek. De fruitsmoothies en Pad Thai's hebben we helaas moeten omruilen voor water en rijst met 'dat sausje die er wel oke uitziet' en hoewel we dachten de de mensen in Thailand aardig waren, zijn ze hier nog veel vriendelijker, vrolijker en oprechter! Het is echt een heel ander land.

Toen we met het bootje in Myanmar aankwamen, viel ons al direct op hoe behulpzaam Myanmezen zijn. Een mannetje wees ons direct de weg naar de busticket office en liep vervolgens mee naar een wisselkantoortje. Op het moment dat wij dachten dat hij om geld ging vraag, zwaaide hij lief: welkom in Myanmar!

We hebben direct een nacht minivan genomen naar Myeik, want in Kawtheung was eigenlijk weinig te beleven. Na 12 uur opgekropt te zitten in dit busje (het is echt een nadeel om lang te zijn in dit soort landen), kwamen we met houten konten en met een veel minder goede nachtrust dan we hadden gehoopt aan in Myeik. De busreis was prachtig voor zo ver we licht hadden. In de 12 uur tijd zijn we door 2 dorpjes gereden, de rest was niemandsland met jungle, palmbomen en plantages.
We werden afgezet bij een verkeerd hostel, maar toen we dit zeiden, ging het busje op leiding van onze google maps de hele stad voor ons door. Bij ons hostel moesten we een tijdje voor de deur wachten tot ze opengingen aangezien wij daar om 5 uur 's nachts aankwamen. Na een dutje gingen we op zoek naar ontbijt. Bij een klein tentje pasten we ons standaard techniek toe: no spicy? Dan worden een paar dingen aangewezen en kiezen we iets wat er oke uit ziet bij ons rijst. Wij dachten aardappeltjes te hebben, maar dit bleek een stukje vlees met een homp vet te zijn. Het eten is hier wel echt onwijs goedkoop! 1 euro per maaltijd is hier zeer goed te doen. Dat in tegenstelling tot de overnachtingen die echt vrij duur zijn. Door de weinige toeristen zijn er amper hostels (dus ook geen slaapzalen) te vinden en betaald je al snel €20 voor een kamer. Mensen hebben hier een vergunning nodig om toeristen te mogen laten slapen. Dat zorgt ervoor dat hier 2 soorten guesthouses zijn: voor Birmese en buitenlanders. Wij mogen niet in het Birmese guesthouse slapen, maar andersom ook niet.
Goed, we zijn de kleine straatjes van Myeik gaan verkennen en we moesten erg wennen aan het feit dat iedereen, maar dan ook echt iedereen, naar je kijkt, je begroet en met ons op de foto wil. Het mooie is dat een groet hier geen beleefdheid is, maar dat je mensen echt ziet opfleuren en vol enthousiasme ziet zwaaien. Waar wordt je zelf blijer van dan deze oprechte vrolijkheid? Een man kwam naar Johan toe en kwam wel erg dichtbij, bleek hij zichzelf te willen vergelijken met Johans lengte, tot lachen toe van zijn maten.
Terwijl we door Myeik liepen, verbaasden we ons door een bouwplan: een groot winkcentrum, super luxe. Dit past echt niet tussen deze armoedige primitieve straatjes. Daarnaast zagen we een bordje staan met: opening in februari 2018, maar er stond nog niet eens 1 verdieping: dat past dan wel weer bij Myanmar.
Vanwege Chinees nieuw jaar waren de straten 's avonds gezellig druk: muziek volledig uit de maat en we moesten wegduiken voor net afgestoken vuurwerk. Ons hostel zit 3 km buiten het centrum, dus we probeerden een taxi terug te krijgen, maar niemand stopte voor ons. Terwijl wij een hand omhoog hielden, zwaaiden mensen vrolijk terug: waren we dan niet duidelijk genoeg? Dit gebeurde elke keer weer, dus Myeik was goed voor de benenwagen. Een keer kregen we onderweg zelfs een zakje druifjes van een paar kinderen: weer een bewijs van de vriendelijkheid van Myanmezen.
In ons hostel wilden we graag gebruik maken van de wasmachine, dus vroegen we ons hosteleigenaar via google translate of hij ons de wasmachine uit kon leggen. Hij had geen idee hoe hij moest wassen en ging zijn zus er toch even bijhalen: hoezo stereotype? In de wasmachine (wat echt al onwijs luxe is) gooi je zelf wat koud water en zeep, dan draait hij wat rond, zet je een klepje open en stroomt al hetvieze water over de vloer naar een putje. Best een ideaal werkend systeem!
De volgende dag in Myeik wilden we eigenlijk een bootje nemen naar het visserseiland Kala, maar toen we de locals met een bootje vroegen ons te brengen, waren de prijzen echt te hoog. Dus zijn we op de locale ferry gestapt naar een ander eiland. Omdat de ferry een uur te laat vertrok, er een half uur langer over deed en een half uur eerder terug zou gaan dan ons verteld werd, hadden we ineens nog maar 2 uurtjes op het eiland. We liepen wat rond en de hutjes op palen, in de modder (in het droogseizoen!) waren indrukwekkend. We gingen bij een klein tentje (letterlijk iemands woonkamer) iets te eten halen en werden verrast met een soep met van allerlei gekkigheid erin, best lekker. We mochten bij hun aan tafel komen zitten en dat was toch leuk! Met gebaren proberen te communiceren, gelijk gevraagd worden hoeveel kinderen je hebt, zij (en wij ook) hadden de tijd van hun leven. De soep was een 'present for you' en een foto mocht uiteraard niet missen. In de ferry terug ontmoetten we een man die vrij goed Engels kon, waar we direct wat vragen bij konden stellen. Het rode goedje dat iedereen in zijn mond heeft (waardoor iedereen eng vieze rode tanden heeft) is een of ander zaad, vaak gemixt met tabak. Een korte broek (die we kinderen wel zagen dragen) was voor vrouwen inderdaad een no go, dus die zijn diep opgeborgen in de tas.
In Myeik proberen we vervoer naar Dawei te regelen, maar met de taalbarriere is dat erg lastig. Je gaat hier niet naar het busstation om een kaartje te kopen, maar je moet bij een klein winkeltje ergens in de stad zijn. De eerste barriere is dus: waar moeten we zijn (er zijn hier ook geen straatnaamborden te bekennen)? Daarna moet je duidelijk maken waar en wanneer je wilt gaan: 'Dawei, tomorrow morning.' '?' 'Dawei'. '?' Dan schrijf je het op 'Ah Daweeee'. En dan moeten zij jou nog duidelijk maken, waar, hoelaat en hoeveel. Het is soms een hele klus, maar tot nu toe elke keer gelukt en zelfs met pick up bij ons hotel!
Terwijl we op zoek waren naar dat ene winkeltje voor je busticket, kwamen we bij een tempel met heel veel verse bloemen en enorm veel kleden op de grond die elke keer wegwaaiden en teruggelegd werden op alle straten om de tempel heen. We kregen zoete koffie en een zakje rijst aangeboden en ons werd verteld dat er om 7:30 iets was. Wat konden ze niet duidelijk maken, maar de tijd aanwijzen lukte! Een andere toerist werd nog naar ons toegebracht. De locals zeiden: 'Japeny, Japeny' en hij later 'Hi, I'm from Germany'. Engels is ook lastig.
Wij kwamen later terug en werden verrast door enorm veel mensen die op hun hurken op de kleden zaten. We zijn er ondanks alle starende blikken aan de zijkant tussengaan zitten, afwachtend wat er zou komen. Blijkbaar was het een of andere educatie van een monnik. Deze monnik wordt hier echt als heilige gezien en het was heel bijzonder om mee te maken hoe de mensen hier bij elkaar kwamen en gezamenlijk bidden/zingen terwijl de preek van de monnik over meerdere beeldschermen uitgezonden werd. Na een uur zijn we wel (proberend stil en beleefd te doen) weggegaan en hebben we erg moeten lachen om de hoeveelheid boeren die de monnik tijdens zijn preek liet.
Dit keer zijn we wel meegenomen door een motortaxi: met zijn 3en om een scooter is echt geen probleem in Myanmar. Het maximum dat we nu hebben gezien is 5 (met 3 kinderen).
Voor wij de volgende ochtend naar Dawei gingen, werd door onze gastvrouw nog snel een baby in Sannes handen gedrukt om een foto mee te maken.

In Dawei hebben we een scooter gehuurd om het schiereiland te ontdekken, een nog onontdekter stukje van Myanmar (kan dat?). We zijn eerst langs een bakkerij gegaan. Het mooie van de paar bakkerijen die hier in Myanmar zijn, is dat ze prachtige uithangborden met het heerlijkste brood hebben, maar helemaal geen brood hebben. We proberen elke keer op het bord te wijzen of ze er iets van hebben, maar we hebben de moed inmiddels opgegeven.
Het schiereiland was een 90km lange weg, wat best veel was met zijn 2en op een scooter over zeer slechte wegen. We kwamen uit bij een tempel op de rotsen die mooi was, maar de weg erheen was zeker zo mooi! Wat een groen, afstekend tegen de zee, houten hutjes tussendoor, vrouwen en kinderen met stro, bakken water en zakken rijst op hun hoofd. En dan uiteraard weer alle vrolijke groeten en zwaaien van de bevolking.
Op de terugweg hebben we een stop gemaakt bij een kilometer lang uitgestrekt strand. Het was echt een mooi strand met hier en daar een vissersbootje in de zee. Er was echter niemand te bekennen wat Sanne perfect vond, want nu kon ook zij in haar bikini de zee in (no go in Myanmar) en zelfs op het strand hardlopen!

We zijn doorgegaan naar het dorpje Ye. We merken dat we iets noordelijker komen, want eindelijk zien we af en toe eens een toerist (nog steeds op 1 hand te tellen). De bus was verassend snel in Ye en we hebben een lekker rustig dagje genomen om de rest van Myanmar eens te bekijken. Conclusie: we hebben nooit genoeg aan ons visum van 28 dagen. Verlengen is echter veel gedoe, maar gelukkig kan je hier voor 3 euro per dag zonder problemen 'overstayen'. Zeker het geld waard!
De volgende dag een semi automatische scooter gehuurd, wat even erg wennen was met schakelen. De banana tempel opgezocht met intens grote budha's. We konden beiden een lange doek lenen, want hier was tot over de knie niet genoeg en moesten ook de mannen een rok dragen. Johan had wat locale hulp nodig met de manier waarop ze hier de doek knopen en daar konden veel Birmesen goed om lachen. We werden uitgenodigd om mee te lunchen, iets wat altijd een hele leuke ervaring is!

Daarna zijn we doorgereden naar een stranddorpje. We blijven genieten van alles wat we onderweg tegenkomen, hoewel we met de foto's al wel een beetje klaar zijn. We hebben nog nooit koeien op het strand zien liggen, varkens over straat zien rennen en zo veel afval op het strand gezien. Dat is iets waar wij wel van geschrokken zijn in Myanmar, zeker ten opzichte van het schone Thailand. Er is hier zo veel afval, mensen gooien hun flesje gewoon na het drinken in de bosjes, het is echt een rotzooi. Daarbij komt dan kijken dat er vele vliegen zijn.
We zijn langs het strand gereden en een klein weggetje gevolgd, zonder te weten waar die uitkwam (hij stond niet op de kaart). Door de jungle heen manoevrerend op een weg dat meer een wandelpad te noemen was, kwamen we uiteindelijk bij een mini pagoda uit, die totaal niet bijzonder was. Wat wel bijzonder was is dat daar een hele grote familie aan de koffie en zoeternijen zat, waar we zeer gastvrij werden ontvangen en van alles aangeboden kregen. Op een gegeven moment moesten we mee komen, ze (de mannen van de groep) wilden ons wat laten zien. Het kwam neer op een hele tocht over de rotsen die in onze ogen best gevaarlijk was (hoewel zij bleven zeggen: no danger). Deze kwam uit bij een inkeping in de zee (ook niet bijzonder te noemen) waar een of andere koning sliep. Meer konden we er niet over te weten komen. Terug werd ons weer een maaltijd aangeboden en een vrouw heeft Sanne even uitgelegd hoe ze in Myanmar moest zitten, want zitten als een man dat kan echt niet, ook niet met een broek aan. Voordat we terug naar Ye gingen moesten we wel echt eerst bidden naar Boedha, we moesten haar gewoon na doen. Dat gedaan hebbende, mochten we ons aan de afdaling wagen. Deze ging echter minder soepel. Op een stijl stukje maakten we een wheelie, maar doordat we geen vaart hadden, konden wij beiden zo afstappen en hadden we geeneens een schammetje. Ook de scooter kwam er goed af met een gebroken achterlicht en een schammetje. Het achterlicht hebben we gelijk laten repareren en het schammetje vond onze hoteleigenaar geen probleem: dat gebeurt wel vaker! Mischien toch goed dat we naar Boedha respect hebben bewezen.

Na het kleine Ye zijn we doorgegaan naar het grotere Mawlamyine en hier vonden we de gezelligheid echt ontbreken. De hotels waren hier allemaal vrij duur, we belden er een op en vroegen of we met zijn 2en in een 1-persoonskamer mochten blijven. Aan de telefoon was dit tot onze verbasing helemaal oke, maar eenmaal daar aangekomen hadden ze ons niet begrepen en kon dat toch niet, dus toch maar een 2 persoons dure kamer genomen. We huurden een scooter (we durfden de semi automaat toch nog wel aan) om naar de Win Sein Taio Ya tempel te gaan. Dit is niet zomaar een tempel, maar eerder een heilig dorp met duizenden beelden van monniken die het pad aangaven. We wilden had pad naar de berg volgen, maar doordat het helemaal begroeid was en heel heet (36 graden en brandende zon) zijn we toch maar omgekeerd. Later vonden we een scooterpaadje, waarschijnlijk de reden dat het wandelpad met alle moniken niet onderhouden is, zonde! Verder was er in Mawlamyine weinig te beleven en zijn we dus vroeg doorgegaan naar Hpa Ann (uitgesproken als Pa An, waar Johan Sanne continue op moest wijzen). Dit dorp had direct zo veel meer sfeer en het Galaxy Motel waar we verbleven was zo vriendelijk en goed! We hebben een middag in een internetcafe gezeten om alles voor de master te regelen (moet ook gebeuren). We pakten een bootje naar de overkant van de rivier waar je een bergje met een pagoda op kon klimmen en een prachtige zonsondergang zou moeten kunnen zien. De laatste boot terug ging echter om 6 uur, dus hadden we maar een uurtje en konden we zeker de top niet bereiken en al helemaal geen zonsondergang zien. Wat teleurgesteld zijn we maar een boekje gaan lezen. Het was echter nog niet klaar met de traptreden want de volgende dag hebben we de mount Zwegabin beklommen met zijn 2500 treden (bedenk maar eens hoe vaak je dan de trap thuis op moet klimmen!). Het was echt een zware inspanning en zo lijkt basecamp van de mount everest wel heel ver weg. Al hijgend en 2 liter vocht verloren kwamen we aan bij de top, waar het uitzicht eigenlijk wat tegenviel, maar waar we genoten hebben van ons boek.

Dan is het tijd voor het noorden. De 12 uur durende busreis in de airco nachtbus met voldoende beenruimte was een enorme luxe na alle minivans. In Mandalay stond een jongetje erop onze tas naar boven te dragen, ongeacht dat de tas groter was dan hijzelf! We hebben beiden een 'longyi' gekocht. Dit is een rok, die alle mannen en vrouwen hier dragen. Het enige verschil zijn de kleuren en de manier van knopen. We kochten een stuk doek in een markt met alleen maar kraampjes met felgekleurde stoffen en zijn vervolgens naar een naaiwinkeltje gegaan waar ze er een rok van maakten. Voor 80 cent en met een oude naaimachine die ze met voetbewegingen draaiende houden. Mandalay zelf vonden wij helemaal niets, dus we hebben direct scooters gehuurd om op pad te gaan. We hebben de u-bein bridge bezocht, die prachtig was bij zonsondergang, maar ook heel druk bezocht door de lokale bevolking. Verder hebben we vol bewondering gekeken hoe boedha's uit steen gehouwd worden en hoe in een goudfabriek 4 mannen 10 uur per dag met een hamer op een stukje goud slaan om deze dunner en groter te maken. Hier wordt na 50 uren slaan uiteindelijk een dun blaadje van gemaakt, die mannen konden kopen om op boedha's buik te plakken. Dit laat wel weer zien dat religie een grote rol speelt in dit land.

De volgende dag begon ons 7-daagse scooter avontuur door de bergen! Dit was onze route: Mandalay - Bagan - Kanpetlet - Mindat - Gangaw - Monywa - Mandalay. Wat een pracht! De haarspeldbochten op de slechte weg door de bergen heen, de natuur om je heen, de zwaaiende kinderen, het primitieve leven, de wagens vol hooi en de mini dorpjes in niemandsland, wat hebben wij genoten!
De eerste dag hield Sannes scooter ermee op, ze vond al dat die steeds lastiger optrok, maar toen die echt stopte, moest Johan haar wel geloven. Gelukkig zat 100m verderop een monteur. Daar zijn we uiteindelijk 3 uur geweest en de hele scooter lag uit elkaar om uiteindelijk een onderdeel in de motor te vervangen. Wat een mazzel dat ze hier zo goed zijn in scooters fixen!
De tussenstop in Bagan was ook erg bijzonder. Dit is de oude hoofdstad van Myanmar en er staan duizenden oude tempels. Bij onze aankomst kregen we van een medereiziger direct de tip om niet een entreeticket te kopen (20 euro) en gewoon op onze scooters Bagan te verkennen (toeristen mogen hier geen scooter rijden, alleen een e-bike. Je kunt ook geen scooters huren, maar hee, wij hadden onze eigen mee vanaf Mandalay!). Zo aangeraden, zo gedaan. Heel gek om zo door een zandvlakte met allemaal oude tempels te rijden, prachtig, zeker met zonsondergang! Terwijl ons die dag 1x verteld is dat we geen scooter mochten rijden en 1x gevraagd is naar ons ticket, hadden we geen problemen en dus toch weer 30 euro pp bespaart (dat is weer 20x avondeten:)).
In Kanpetlet kwamen de geruchten van Myanmar uit: boek ALTIJD je hostel van te voren. Wij hadden gezien dat er heel wat waren en op booking.com stonden alleen nog dure opties, dus wij dachten: we zien daar wel. De eerste 3 guesthouses mochten we niet slapen: alleen voor Burmezen, stomme overheid! Dus toch maar naar het eerste hotel: vol. Het begon inmiddels donker te worden en na 4 hotels die vol waren hadden we nog 1 laatste optie over. Het feit dat een overnachting ons inmiddels 20 euro pp ging kosten, maakte niet meer uit: als we maar een bedje kregen. Helaas zat het laatste hotel ook vol. Na ons verhaal dat alles, maar dan ook letterlijk alles, vol zat en of ze niet ergens een mini kamer hadden met een matrasje op de grond, werden we toch meegenomen. Nu komt het dachten we, maar we kregen een prima kamer met 2 prima bedden en een heerlijke douche! Op de vele spinnen na, ging dit onze hoop ver te boven. Hoezo vol? We denken dat we in het Burmese deel een kamertje hebben gekregen. Wel merkten we direct hoeveel het afkoelde in de bergen, we hadden het s nachts zo koud dat we tegen elkaar aangekropen zijn met alle 4 de dekbedden over ons heen.
Helaas liep de highlight tot nu toe niet zo mooi af als dat die begonnen was. Het laatste stuk naar Gangaw was 28 km alleen maar zand en steen en veel hoogteverschil. Op de laatste 2km is Sanne hard van de scooter gevallen, waardoor haar knie, heup en elleboog open lag. Uiteraard waren we aan het eind door ons water heen, dus met alcoholdoekjes de boel een beetje opgeknapt. Dan toch de weg erg rustig vervolgen om in het motel alles te verzorgen. Toch in Gangaw eerst maar een rustdagje gehouden om een beetje bij te komen van de schrik en de scooter te repareren. Alles gaat nu weer goed, de wonden worden goed afgeschermd tegen de zon en er is hoogtens een litteken om te herinneren altijd voorzichtig te rijden op een scooter.

Vanaf Monywa baalden we ervan dat we uit de bergen waren en in de stad. In Mandalay hebben we dan ook direct een bus genomen naar Hsipaw, een dorpje in het noord-oosten. Tijd om ons benen wat te gaan trainen voor we naar Nepal gaan na al dat zitten op de scooter! Voor de verhalen van deze trektocht, de rest van Myanmar en Noord Thailand, moeten jullie nog eventjes geduld hebben!

Liefs vanuit Myanmar

Foto’s

10 Reacties

  1. Jan en Janneke:
    11 maart 2018
    Dank voor jullie mooie reisverhalen!
  2. Marit Jorna:
    11 maart 2018
    Lieve wereldreizigers, wat genieten jullie in Myanmar. Jullie zien zo veel en maken zo veel mee, wat een kado! Gelukkig is het scootergebeuren goed afgelopen en was de arts bij de hand.
    Nog een weekje Myanmar en dan meelopen met de tropenarts in Thailand. We zijn benieuwd hoe jullie dat zal vergaan. Hoop dat jullie de kookcursus nog kunnen volgen en vooral het straks uitproberen in Meppel! Lieve twee blijf genieten van al het moois en tot Skype weer, liefs mama.
  3. Marlies:
    11 maart 2018
    Wat supergaaf om jullie reis te volgen; dank je wel voor je verslag en op naar de volgende belevenissen! Hoop de hele familie weer eens te zien, als jullie terug zijn. Het leven vliegt! (Wij wonen trouwens zelf in een houten boshuis in Brabant, tegenwoordig; mooi in de natuur.)
  4. Marlies:
    11 maart 2018
    Wat supergaaf om jullie reis te volgen; dank je wel voor je verslag en op naar de volgende belevenissen! Hoop de hele familie weer eens te zien, als jullie terug zijn. Het leven vliegt! (Wij wonen trouwens zelf in een houten boshuis in Brabant, tegenwoordig; mooi in de natuur.)
  5. Frans ina:
    11 maart 2018
    Wat een indrukken doen jullie op. En wat een lieve, behulpzame mensen komen jullie tegen . Bijzonder om te lezen over kledingvoorschriften en hoe je moet zitten! Fijne reis verder en blijf genieten en laat ons verbazen met jullie prachtige reisverslagen
  6. Hans:
    11 maart 2018
    Hallo wereld reizigers, wat super mooi oom op deze manier jullie belevenissen mee te mogen maken.
  7. Silvester Jorna:
    11 maart 2018
    Lieve twee, eindelijk kwam het er eens van jullie prachtige verhalen te lezen vandaag ! Ik heb ervan genoten en zag het helemaal voor me ! Prachtige foto's ook, wat zien en doen jullie veel en wat zullen jullie je ver van Nederland vandaan voelen ... een totaal andere wereld met zulke andere culturen; zoveel indrukken, zoveel natuurgeweld, zoveel bijzondere mensen ..... !! Geniet lekker verder met zijn twee van deze bijzondere reis en pas een beetje op met scooters graag ... je hoort het zo vaak dat het mis gaat ... safety first please ! Veel liefs, Marleen
  8. Ronald:
    12 maart 2018
    Lieve Sanne en Johan, fijn om te lezen dat jullie zo genieten van het reizen, het land, de mensen en de natuur daar. En pas goed op he, we willen jullie wel heelhuids weer terugzien! Groetjes, José
  9. Wilma:
    12 maart 2018
    Wat leuk om allemaal te lezen Sanne en Johan. We zijn erg benieuwd naar jullie verdere avonturen. Het klinkt allemaal geweldig.
  10. Josine:
    13 maart 2018
    Mooie beschrijving van jullie belevenissen!
    Joep